Skip to main content
  • 15 februari 2023
    Imperialisme en Globalisering

De praktijk is leerzaam

Hans Boot

Mijn inmiddels bekende, gespreksgrage buurman vroeg of ik in Konfrontatie over ‘de oorlog’ zou schrijven. Nee, zei ik: “ik zal het hebben over een leerzame ervaring, een paar weken geleden opgedaan in en na twee dagen ziekenhuis”. Hij was met mijn antwoord niet tevreden en vroeg zich verbaasd af of ik dan geen mening over ‘die oorlog’ had of misschien niet mee wilde doen aan de niet ongebruikelijke persoonlijke diskwalificaties in het linkse debat. Dat laatste was me ook opgevallen, maar dat deed niets af aan mijn opvattingen. De Oekraïense bevolking strijdt ook militair volkomen terecht tegen Poetins leger en datzelfde geldt voor de westerse steun, materieel en financieel. De oproep tot snelle onderhandelingen deel ik niet, die hebben alleen zin als het Russische leger niet te verslaan blijkt of juist met zijn rug door de muur zakt. Minimaal twee kanttekeningen zijn daarbij te maken. Gelijktijdige prioriteit aan ondersteuning van links in Oekraïne en Rusland en een beklemmende verontrusting over het tragische gegeven dat met name de wapenindustrie de grote profiteur is.

En nu de leerzame ervaring. Wat je meemaakt, tracht te begrijpen en kan verbinden aan ervaringen van anderen is ‘de ware leerschool’. Bovendien kan die school het inzicht verdiepen in al bestaande kritiek op bijvoorbeeld sociale en economische ontwikkelingen. In mijn geval ging het om een kort verblijf in een ziekenhuis voor de verwerving van ‘een nieuwe knie’ gevolgd door een nog lopende wekenlange herstelperiode.

Met zorg snel wegwezen

Nadat eenmaal via een eerste onderzoek door de huisarts de stap naar een nieuwe knie is gezet, loop je tegen de wachtlijsten van maanden aan. Privéklinieken zijn sneller, maar niet overal gevestigd en bovendien moet de medische voorgeschiedenis van de klant schoon zijn. Ik kon na bijna vier maanden in Zeist terecht. Niet zeker is of de vervoerskosten, vier/vijf keer op en neer vanuit Amsterdam, door de verzekering gedekt wordt – de eerste sociale selectie dient zich aan. Handig is het als de huisarts tijd vrij kan/wil maken om de nodige formulieren in te vullen.

De dag van de operatie begint met hier en dan weer daar wachten. De verpleegkundigen zijn vriendelijk, maar door de haast meestal kortaf. De aanleg van de nieuwe knie duurt ruim een uur. Tijdens de plaatselijke verdoving valt - behalve het gezaag in botten en vastklinken van de metalen delen - het aantal bezige stemmen op, na afloop blijkt een achttal vrouwen al die tijd bij de ingreep betrokken te zijn geweest. Voor één knie.

In bed bijkomen, van hier naar daar werkende verpleegkundigen, van bed naar bed en van kamer naar kamer. Net niet rennend, wel voorzien van onder meer scanapparatuur en een meter die de inhoud van de blaas meet. Overtuigend en snel. Een nachtje slapen en daarna zal een fysiotherapeut met een paar oefeningen, inclusief krukken, bepalen of je naar huis kan. Alle professionele zorg is daarop gericht – deskundig wegwezen. Vervolgens afspraken maken om later op de dag opgehaald te worden door een familielid. Eén keer uitgegleden door een net geboende vloer, het is tenslotte een ziekenhuis. Geen gelegenheid te bedanken, met een rolstoel naar de lift en het bed voor een volgende patiënt vrijgemaakt. Alles met een onuitgesproken vanzelfsprekendheid op weg naar de apotheek.

Bij die apotheek drie kwartier gewacht, daarna een doos medicijnen aangepakt met een stapeltje papieren: wat hoeveel innemen, wanneer en in welke volgorde – een goedbedoeld handboek. De volgende wachtende neemt trappelend van ongeduld haastig het woord over, met een eigen handboek. En dan met een uitwerkende verdoving naar huis, het was al donker. Het herstel wachtte.

Uitbesteding

En wat als er nu geen familielid, vriend of vriendin klaarstaat en ook nog eens vaardig genoeg is om het handboek te begrijpen en toe te passen? Tabletten, poeders en tegen trombose een pakket injecties, dagelijks, een maand lang. Dat lijkt me problematisch. De gemeentelijke thuiszorg is overbelast en komt in het gunstigste geval even langs. Private zorg is kostbaar, een tweede sociale selectie. Positief is dat de fysiotherapeute twee keer in de week kan inspringen.

Een dergelijke uitbesteding van zorg is een bijzondere vorm van privatisering die verantwoordelijkheden, kennis en vaardigheden, naar de patiënt en in het algemeen de ‘eenvoudige burger’ overhevelt. De overbelaste gezondheidszorg is gedwongen handel te drijven op kosten van de patiënt. Voor de hand ligt dat dit in het algemeen niet zo soepel loopt en vroeg of laat de huisarts en/of het ziekenhuis de falende uitbesteding moet overnemen.

De door het neoliberalisme gekoesterde autonome burger die de klappen opvangt, is een ‘winstmodel’ waarvan de zorgverzekeraars en de overheid gretig gebruik maken. Wat de individuele burger betreft, een alledaagse ervaring bij de supermarktconcerns waar het restje overgebleven personeel als anonieme controleurs de boodschappen natellen. Geef mij dan toch maar de overbelaste en onderbetaalde verpleegkundigen die ondanks alle beperkingen de zorg voor mensen proberen overeind te houden. Tegen de arbeidsvoorwaarden in. Protest, verzet en actie is hun gegund. Een wijze ervaring.